Sühnopfer – Nos Sombres Chapelles: een ode aan Ardraos de alleskunnert

albumhoes je weet toch zelf gap

Artiest: Sühnopfer
Uitgave: Nos Sombres Chapelles (Album)
Platenmaatschappij: Those Opposed Records
Jaar: 2010
Taal: Frans
Genre: Black Metal Om Jaloers Van Te Worden

In m’n recensie van de demo van Triste Sir gaf ik al aan dat het soms kan lonen om op willekeurige wijze wat muziek in te slaan; om in plaats van de discografie van alle bands die je toch al kent bij elkaar te verzamelen, gewoon eens wat nieuwe groepen een kans geven. Soms eindigt dat in een teleurstelling, maar bij tijd en wijlen stuit je nog weleens op een waar ‘pareltje’ (kots). De laatste aanvulling aan dit tragische doch illustere gezelschap van onterecht en onbegrijpelijk superobscure albums komt wederom uit Frankrijk, al zou je dat op de naam afgaande niet zeggen. De naam ‘Sühnopfer’ vindt namelijk overduidelijk niet zijn oorspong in de elegante, zachte en volgens sommigen flikkerige Franse taal, maar in het strenge, humorloze Duitschschsch. Een zekere Fransheid kan de muziek op het in 2010 verschenen album Nos Sombres Chapelles echter niet ontzegd worden: conform de norm in de Zuidelijke helft van Frankrijk, geniet het debuutalbum van Sühnopfer een relatief goede productie en komt de middeleeuwse sfeer goed naar voren door middel van melodieuze, gevarieerde en bovenal goed ingespeelde muziek.

Het is daarom des te verrassender dat Sühnopfer slechts één bandlid telt. Florian “Ardraos” Denis neemt in dit project alle instrumenten en vocalen voor z’n rekening, wat de kwaliteit en consistentie van Nos Sombres Chapelles des te indrukwekkender maakt. De instrumentatie van dit album kent namelijk geen ondergeschoven kindjes en voor eenmansbands is dat vrij uitzonderlijk. Denk bijvoorbeeld maar eens aan de weinig boeiende drums van Alcest, laat staan Burzum, waarbij eigenlijk alle instrumenten niet erg indrukwekkend bespeeld worden en het meer om de sfeer van het geheel gaat. Ardraos lijdt echter niet onder een te hoge werkdruk, want ieder ingrediënt van zijn middeleeuwse melange komt geweldig uit de verf, van het sterke snaarwerk tot de Varg Vikernes-achtige vocalen.

Ardraos: koning van drums, gitaren, zang, zonnebrillen en paarse tasjes

Om over de drums nog maar te zwijgen, want dat is, verrassend genoeg, eigenlijk waar het in Sühnopfer allemaal om draait. In tegenstelling tot de immer bescheiden Fenriz laat Ardraos namelijk graag merken dat hij in de eerste plaats een percussionist is. Het resultaat is muziek die, naar het lijkt, vanuit de drumpartijen gecomponeerd is. De drums komen in de productie goed naar voren, waardoor de eindeloze variatie en soms subtiele creativiteit die Ardraos op zijn drumset tentoonspreidt des te meer opvallen. Al op de openingsriff van het eerste nummer, tevens de titelsong, bewijst Ardraos al dat hij met de vele ritme- en tempowisselingen die hij uit zijn trommels beukt nog meer kleur en variatie geeft aan de toch al behoorlijk afwisselende en goed gecomponeerde gitaarriffs. Zijn inspanningen op het gebied van percussie doen denken aan het nummer Words From The Temple of Shadows van Zemial, dat oorspronkelijk een drumsolo is waar later de snaarpartijen bij zijn geschreven. De meerderheid van de nummers op Nos Sombres Chapelles voelt ook aan als ingekleurde drumsolo’s, waardoor het album vele malen spannender wordt dan dat het zou zijn geweest als het slagwerk zou zijn afgeleverd door de vele standaard blastbeatmachines die het blackmetalgenre ‘rijk’ is.

Het feit dat de drums de show stelen doet overigens helemaal niks af aan de rest van de instrumentatie. De gitaarpartijen, bijvoorbeeld, weten namelijk net die melancholische, sombere (titelverklaring!) sfeer te raken, zonder daarbij te vervallen het pathetische muzikale gemasturbeer over duisternis en leegte waarin het nimmer noemenswaardige subgenre ‘depressive suicidal black metal’ nog weleens in wil vervallen. Wat dat betreft weet het openingsnummer de toon goed te zetten door gelijk een soort gewelddadige somberheid uit te stralen, die des te meer tot uitdrukking komt door de zieke, geplaagde en bovenal aggressieve zang van die godverdomde alleskunnert van ’n Ardraos. Het nummer “Espérance!” maakt het helemaal bont, want naast van het immer geniale slagwerk beschikt dit nummer ook nog eens over de ene geweldige riff na de andere. En hoewel het verleidelijk zou zijn geweest om die meesterlijke riffs gewoon nog een paar keer te herhalen, varieert Ardraos juist op de reeds geïntroduceerde thema’s, waardoor het nummer van begin tot eind een verrassend karakter heeft waar iedere liefhebber van het genre wel van móét genieten.

Uitslover...

De zang heb ik al vergeleken met die van Burzum, maar hier moet nog wel even bij gezegd worden dat Sühnopfer op dit gebied vele malen beter is. Want zeg nou zelf: wie overdacht er nou niet zijn seksuele geaardheid muzieksmaak toen hij voor het eerst Burzum-hits als Black Spell of Destruction en War hoorde? Bij Varg Vikernes leken de hoge schreeuwvocalen toch iets te gemaakt en te vreemd om helemaal aan te wennen, wat ongetwijfeld de reden is dat hij een flink aantal nummers opnieuw op gaat nemen en uit gaat brengen. Bij Sühnopfer is er van soortgelijke gevoelens van plaatsvervangende schaamte geen sprake: Ardraos schreeuwt bijna letterlijk de longen uit zijn lijf op deze plaat en de emotie en energie die daar aan te pas komen zijn authentiek, overtuigend en duidelijk voelbaar. Het reeds genoemde nummer “Espérance!” is hiervan wederom het beste voorbeeld, aangezien de teksten met zoveel passie en overtuigingskracht gebracht worden, dat het vrij moeilijk is om niet bewogen te worden door dit nu al legendarische nummer.

Het moet derhalve gezegd worden dat je, net zoals bij het briljante vierde album van Peste Noire, in het nadeel bent als je geen basale kennis van het Frans hebt, aangezien de teksten van Nos Sombres Chapelles geheel in deze taal geschreven zijn. Ardraos heeft namelijk ook op tekstueel gebied zijn huiswerk gedaan en weet zo de gebruikelijke clichés over de middeleeuwen waar je in het blackmetalgenre al snel mee te maken hebt, te omzeilen. Neem bijvoorbeeld het titelnummer, waarin de vervallen kerkjes en kasteeltjes die in heel Frankrijk te vinden zijn worden bezongen als monumenten van zowel het duistere verleden van het land als het afgebrokkelde christendom. Of anders het daaropvolgende lied “Vous, ou la Mort!”, waarin de conventies van de hoffelijke liefde ongebruikelijkerwijs als thema dienen. Ook het al eerder geroemde “Espérance!” is hierin weer exemplarisch, daar de op zich uitgemolken thema’s van oorlogsvoering en dood door de juiste woordkeuze toch weer een snaar weten te raken: “A travers des áges, les esprits nous rappellent / <<Nous avons estés comme vous / Un jour vous serez comme nous / Pensez-y bien!>> / Et le cortège funèbre s’avance…”

Gewoon. Voor de sfeer.

Deze recensie begint inmiddels de vorm aan te nemen van een afzuigpartij van jewelste, dus wellicht moeten de minpuntjes ook nog maar even vermeld worden. Als bassist doet het mij namelijk pijn dat de baspartijen iet wat ondergesneeuwd zijn in de productie, vooral aan gezien Ardraos reeds op het nummer Aux Aurores van de EP L’Aube des Trépassés heeft bewezen geen onverdienstelijke bassist te zijn. Ook is het album met zijn amper 40 minuten muziek jammer genoeg wat aan de korte kant, hoewel je voor de belachelijk lage prijs van 10 euro nauwelijks zou mogen klagen.

Kort of niet, Nos Sombres Chapelles is een geweldig album dat nog maar eens bewijst dat Franse black metal tot de beste van Europa (en daarmee de wereld) behoort. De nadruk op het slagwerk maakt dit album (en Sühnopfer in z’n geheel) des te verrassender, waardoor iedere liefhebber van het genre deze CD toch op z’n minst een kans zou moeten geven. Want Ardraos bewijst niet alleen op meerdere gebieden een ware virtuoos te zijn; hij beschikt ook nog eens over een hele rits aan sterke composities en teksten, waardoor Nos Sombres Chapelles misschien wel de meest indrukwekkende ode aan de Franse middeleeuwen is sinds Peste Noire vijf jaar geleden met La Sanie des siècles – Panégyrique de la dégérénescence op de proppen kwam. Zodoende toont Ardraos zich een waar meester op het gebied van slagwerk, gitaren, zang en het doden van christelijke pakken melk. Het is godverdomme om jaloers van te worden.

Bezetting:
Ardraos – slagwerk, gitaren, bas en zang

Nummers:
1. Nos Sombres Chapelles (6:07)
2. “Vous, ou la Mort!” (5:47)
3. Partir à l’ost (4:24)
4. “Espérance!” (5:49)
5. Errements d’un pestiféré (7:09)
6. Reliques (Part 1) (6:50)
7. Reliques (part 2) (2:33)

Totale speeltijd: 38:44

Bron van den foto’s: http://www.myspace.com/suhnopfer/photos

4 thoughts on “Sühnopfer – Nos Sombres Chapelles: een ode aan Ardraos de alleskunnert

  1. Pingback: Ardraos (Sühnopfer) doet slagwerk op nieuw album Peste Noire | Bevroren Ivoren Toren

  2. Pingback: Een Franse bloem in Russische aarde | Bevroren Ivoren Toren

  3. Pingback: Dodendans in Spijkerbroek | Bevroren Ivoren Toren

  4. Pingback: Het eeuwige offer | Bevroren Ivoren Toren

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s