Jaarlijst 2013

For the English version, click here.

Van onze redactie.

10. Krijg de tering

10 - Wimps in the Throne Room

Alsof muziek, wat bij voorbaat toch als kunstvorm beschouwd zou moeten worden, zich kan laten vangen in een oppervlakkig autistenlijstje. Heb je ooit in het Rijksspatiemuseum de expositie “Top 10 Schilderijen van Rembrandt” gezien? Nee, want dat zou een heel slecht idee zijn voor een expositie en jij komt überhaupt niet in musea omdat je een plebejer bent.

9. Wie denk je wel niet dat je bent?

9 - Gandalf

Ken je Google? Dat is dat bedrijf met die zoekmachine en die mailservice en die facebookripoff die niemand gebruikt en YouTube. Je weet wel, dat bedrijf dat vaak jolige taal hanteert – “Ok, got it” – omdat ze jong en fris willen overkomen, waardoor de kans afneemt dat jij doorhebt dat ze al jouw persoonlijke gegevens jatten en gebruiken voor commercieel gewin en andere duistere doeleinden.

Nou, ga dus maar eens naar Google en typ “top 10 albums 2013” in en kijk eens hoeveel resultaten er over je scherm rollen. Dat zijn dus allemaal mensen die net als jij denken dat ze de waarheid in pacht hebben en in de illusie leven dat mensen geïnteresseerd zijn in zoiets persoonlijks en futiels als een top 10.

8. Kutten met peren vergelijken

8 - Heino

Hoe kun je überhaupt bepalen of een baanbrekend neofolkalbum beter is dan een uitstekend staaltje black metal? Dus eigenlijk zeg je dat jouw genrevoorkeur bepaalt wat er op zo’n lijst komt te staan. Nou, mooie boel is dat. Er zal wel weer een hoop blackgaze op het lijstje komen. En misschien nog een geile demo omdat alleen jij die band kent, waardoor het automatisch tof wordt. Ga toch je eigen lul high-fiven.

7. Heb je niks beters te doen of zo?

7 - Herman Boon

Geloof me, als ik je blogje eens doorblader, lijkt er nou niet echt sprake van een overdaad aan kwaliteit. Als je nou eerst eens gaat zorgen dat je recensies het lezen waard zijn. Om te beginnen moet je een CD meer dan één keer luisteren voordat je een oordeel velt. Dan weet je veel beter waar je moet zoeken als je nog tijd overhoudt voor een lijstje, i.e. niks beters kan verzinnen om op je nutteloze teringsite te pleuren.

6. AlcestL’amour multicolor

6 - nieg pls

Want Alcest brengt ieder jaar een album uit. En als je Alcest niet op je lijstje hebt staan, hoor je er niet bij. Het is ook ieder jaar weer interessant om te kijken welke muzikanten ze nou weer bij Peste Noire hebben weggekaapt.

5. Je doet het voor de kliks

5 - AIZY

Geef het nou maar toe, vuile slet. Je weet dat ‘metalheads’ – of hoe dat volk zich tegenwoordig ook noemt – zo conservatief zijn als de neten. Met al die hippe USBM-bandjes op je lijst gaan mensen jouw zielige excuus voor een artikeltje op hun foraatjes plaatsen zodat ze zich er met z’n allen eens flink boos over kunnen maken. Ondertussen stroomt er bij jou zoveel advertentiegeld binnen dat je met je aandachtsgeile getrijntjeoosterhuis wel mooi een nieuwe MacBook Pro in de wacht kunt slepen.

4. BurzumSôl austan, Mâni vestan

4 - Burtsum

Want als je Dauði Baldrs anno nu opnieuw uitbrengt en er gewoon opnieuw geld voor vangt, ben je best wel een held. Toegegeven, je moet iedere cent aanpakken wanneer je genakt wordt door de Franse overheid.

3. Luiheid troef

3 - Helmut aus Blaskyrghhgh

Top 10-lijstjes zijn makkelijke artikelen die je zonder veel te hoeven na te denken in elkaar flanst. De gefragmenteerde aard van dergelijke lijstjes maakt het dat je niet hoeft na te denken over de opbouw van je betoog, of over de formulering van argumenten. Gewoon nog een halve liter opentrekken en lekker blijven tikken met oe bakkes. Ja, zo kan ik ook naar een hogere kwantiteit toe. Of je gaat gewoon gelijk voor BuzzFeed schrijven. Oh, wacht, doe toch maar niet.

2. Niemand leest die shit, bradda

2 - regenboogpiet is fascisme

Heb je je weleens afgevraagd waarom je betweterige eindredacteur je met dit soort artikelen wel de woordenlimiet van 152 laat overschrijden? Nee, dus ik zal het je zeggen, ik zal het je uitleggen. Zo gauw je je top 10 (of 25, 50, 69, 100) op het internet of in je wc-papier-onwaardige blaadje pleurt, kijkt de gemiddelde lezer enkel even of zijn favoriete album erin staat alvorens hij begint te schuimbekken. De woorden figureren dus enkel in dit jaarlijks terugkerende schouwspel van zelfpijperij en aandachtstrekkerij. Opbokken met je hippe klikaasartikelen, vervelend stuk vreten.

1. Peste NoirePeste Noire

Peste Noire V

Want Peste Noire is altijd de beste en ik heb geen 10 euro van Famine gekregen om dit te zeggen.

Avondlandschemering

Laten we eerlijk wezen, de beste muziek komt uit Amerika. Het is professioneel, strak en begrijpelijk. Experimenteren is leuk, maar als een artiest vanuit de drukbezette Amerikaanse muziekwereld eenmaal zijn kop boven het maaiveld weet uit te steken en zodoende Europa bereikt, weet je dat het goed is. Geen amateurisme, halfbakken experimenten, of gevaarlijke ideeën. Heerlijk. Ook is het fijn dat er gewoon in de Engelse taal wordt gezongen. Zo is het begrijpelijk en, tsja, klinkt het goed. Want laten we er geen doekjes om binden: de Nederlandse taal is niet bepaald ontworpen voor muziek. Frans, Oekraïens, Spaans, Noors, enz. ook niet, maar het ergste is dat we daar ook nog eens geen hol van verstaan. Doe maar gewoon Engels, want met dat moeilijke pseudoculturele gedoe komt je boodschap, mocht deze al de moeite waard zijn, toch niet over.

Het moge duidelijk zijn dat wij het dichtst bij de Amerikaanse/Angelsaksische cultuur staan. Goed, soms zijn onze Engelstalige compagnons iets te enthousiast in hun oorlogszucht, maar als we er een economisch slaatje uit kunnen slaan als we hen helpen, waarom zouden we onze culturele antennes dan richten op de achtergebleven regionen van Europa? We spreken allemaal perfect Engels; deze taal beheersen we nog beter dan onze moedertaal. Het zou eigenlijk het beste zijn als onze kinderen voornamelijk, of beter nog, alleen maar Engels zouden spreken. Dat zou wel zo praktisch zijn, want dit is immers de taal die in een groot deel van de wereld wordt verstaan. Onze taal is toch maar een samenraapsel van andere talen. En naties? Denkbeeldige concepten. We zijn allemaal mensen, dus dat gezwaai met die vlaggetjes is allemaal maar cryptoracististisch geneuzel voor het plebs. Wij liberalen weten wel beter.

opgeheven spoorlijnen

Een vrijgevochten wereldburger moet echter toch constateren dat de Oost-Europese medemens bij voorbaat gewantrouwd moet worden. Het zijn allemaal oplichters die, als ze immers niet te druk zijn met het inpikken van onze banen, de straten vervuilen met afschuwelijke accordeonmuziek en andere achterhaalde zigeunercultuuruitingen die een intrinsiek kenmerk vormen van de Russische volksgeest en diens vrijwel identieke satellietculturen. Die volkeren moeten nog heel wat paden bewandelen voordat ze de weg naar de democratie vinden. Het enige goede wat uit Oost-Europa komt, is FEMEN.

Zie hierboven de gedachtegang van de gemiddelde Nederlander, in het bijzonder ontbreind, moreel bankroet tokkietuig, wiens leden zo slecht om zich heen kijken, dat wanneer zij door de hel zijn gegaan, zij je alleen kunnen vertellen dat het er knap warm was (vrij naar: Simon Carmiggelt). Zak voor eeuwig in de stront, Henk en Ingrid. #dontvote

Maar terzake; conform goede smaak en historisch bewustzijn, verklaart Bevroren Ivoren Toren zich een bastion van waardering voor Slavische cultuur, geschiedenis en politiek. Dit zullen wij de komende tijd bewijzen door wat meer aandacht te besteden aan de muziekcultuur uit deze contreien. Bij dezen een hartelijk welkom aan alle Russen, Oekraïners, Polen, Serviërs en andere Slaven die ons in de laatste paar maanden hebben gevonden.

Cлава,
Дегтярёв

styag

De Toren

stapelklein

Tekst door Degtyarov
(For the English translation, click here)

Mijn blik valt op de talloze CD’s aan mijn linkerzijde. Sommige staan netjes in rekken, uniform opgestapeld gelijk een flatgebouw, op elke etage het oeuvre van een land dan wel genre: Franse en Franstalige muziek lopen naadloos over in Griekse black metal. Andere hebben minder geluk en vormen wankele, ongeordende masten. Noorse elektronica ligt op Nederlandse hiphop, terwijl Russische Oi wordt vergezeld door evangelische kinderpop. Het is twijfelachtig of van de meer dan honderd CD’s de helft ooit nog gedraaid zal gaan worden. De diversiteit van de muziek duidt op iemand die óf een schizofrene muzieksmaak heeft, óf muziek niet wegdoet als hij erop uit is gekeken; misschien wel allebei. Hierdoor verraadt de verzameling tevens verscheidene jeugdzonden. De weggemoffelde Dimmu Borgir-albums tonen aan dat ook de verzamelaar hiervan op de hoogte is. Ze staan onderaan, goed verborgen achter de façade van een stapel willekeurige meuk. rekken2Toch vormen ze het fundament van een toren, die, naarmate de wolken dichterbij komen, getuigen van een steeds fijnere smaak. De ivoren ornamenten op de gevel vormen een schril contrast met de met modder besmeurde basis, maar toch had de gevel er nooit kunnen staan zonder het fundament.

Wanneer ik verder om mij heen kijk, valt me op dat er nog weinig van dit soort verzamelingen bestaan; dat nog weinig van mijn vrienden thuis zo’n ‘toren’ hebben staan. Of het moet een soort digitale wolkenkrabber zijn waar van alles uitpuilt. En dat is begrijpelijk. Je moet wel een beetje gek zijn als je geld uitgeeft aan spullen die gratis zijn, of dat je tegen torenhoge verzendkosten pakketjes in laat vliegen terwijl je het binnen 10 minuten op je computer kunt hebben staan. Vroeger zat er nog een (licht) moreel luchtje aan downloaden, maar met initiatieven als Spotify en iTunes lijkt ook dat aspect weg te zijn gevallen. Dit maakt het dat het opbouwen van een fysieke muziekverzameling tegenwoordig te allen tijde een bewuste keuze is, aangezien gemakzucht en kostenbesparing beide in de richting van de digitale snelweg wijzen.

Het feit dat het aanschaffen van fysieke kopieën heden ten dage zowel de meest kostbare als omslachtige manier is om aan muziek te komen, impliceert dat de moderne verzamelaar per definitie een materialist is. Het enige waarneembare voordeel [1] van het kopen van CD’s, LP’s of zelfs cassettebandjes is immers het tastbare omhulsel: het doosje en het boekje. Toch heeft mijn persoonlijke keuze om niet op digitaal over te gaan niet te maken met het omhulsel, maar met de muziek zelf. Een overvloedig aanbod van muziek heeft namelijk ook een keerzijde: waarom zou je moeite doen voor een album wanneer de volgende download maar een paar muisklikken verder is? Zeker met metal is niet elk album, niet ieder nummer ‘liefde op het eerste gezicht’. Het heeft een dikke zeven jaar geduurd voordat ik Transilvanian Hunger van Darkthrone volledig kon waarderen, maar inmiddels mag het zich onder mijn favoriete albums scharen. Had ik de moeite genomen om het album eens in de zoveel tijd weer een kans te geven als het niet in mijn kast stond, maar een anonieme verzameling MP3’s op mijn computer was?

Misschien wel het grootste probleem in de muziekjournalistiek is de prevalerende macdonaldsmentaliteit. Het merendeel van de recensies die je op het internet terugvindt beperken zich tot twee à drie bondige alinea’s die eerder eerste indrukken formuleren dan diepgravende analyses van de muziek in kwestie. Albums worden ook regelmatig gerecenseerd op basis van YouTube-video’s [2], downloads of streams, wat hand in hand gaat met de hapslikwegmethode waarmee de muziek vervolgens benaderd en beoordeeld wordt. Op deze manier kan niet alleen meer muziek aan bod komen, maar kunnen ook de nieuwste albums gelijk (i.e. vaak nog vóór de officiële datum waarop ze uitgebracht worden) van een al dan niet ‘SEO-vriendelijke’ recensie worden voorzien (= meer verkeer, dus meer advertentiegeld). Aan het eind van het jaar kan er dan ook nog een top 10, 20 of 50 worden samengesteld met daarin zogenaamd de beste albums, EP’s en demo’s van dat jaar.

stapelgek

Het feit dat deze website in vele opzichten de antithese is van de zojuist beschreven benadering, is het onvermijdelijke resultaat van de manier waarop wij aan onze muziek komen; niet door gratis promo’s, via downloads of YouTube-escapades, maar bekostigd met hard werk (aangezien wij bewust niet voor reclame kiezen) ingevlogen vanuit verscheidene uithoeken van Europa en Canada. Aangezien een dergelijke werkwijze qua kwantiteit en recentheid niet kan opboksen tegen het gemak van het downloaden, moet elke CD-bespreking wel van hoge kwaliteit zijn. Zo blijft deze ook verscheidene jaren nadat de CD is uitgebracht nog relevant en kan de relatieve schaarste aan bijwerkingen van de website worden gecompenseerd met wat diepgaander leesvoer dat als referentiepunt kan worden gebruikt [3].

Door van een bespreking een referentiepunt te maken voor achtergrondinformatie over de muziek en de band, wordt een recensie meer dan een ‘koopgids’ die ‘de consument’ even vlot informeert over de nieuwste ‘producten’. Juist door middel van media als YouTube en Spotify kunnen muziekluisteraars zichzelf tegenwoordig prima informeren en hebben ze niet langer een journalist of welbespraakte liefhebber nodig die hen de weg wijst. De artikelen die hier te vinden zijn, kunnen even goed gelezen worden door iemand die nog nooit van de band in kwestie gehoord heeft, als door een persoon die al jaren diens complete discografie in de kast heeft staan. Een dergelijke aanpak zouden wij niet vol kunnen houden als we iedere week tien nieuwe albums moesten bespreken.

Ondertussen dwaalt mijn blik weer af naar mijn toren met CD’s. Sommige geordend in rekken, andere op de gok op een stapel gemieterd, maar allemaal tastbaar. Het valt van de helft van de meer dan honderd CD’s te betwijfelen of zij ooit nog gedraaid zullen gaan worden, maar voor elke CD is moeite gedaan en allemaal zullen zij binnen handbereik blijven. Niet alleen omdat het weggooien van CD’s weinig kosteneffectief is en meer moeite kost dan het wissen van een MP3, maar bovenal omdat zij samen de bouwstenen vormen van de toren die staat voor mijn persoonlijke muzikale geschiedenis. Een toren die in de digitale wereld ongetwijfeld veel hoger was geweest, maar ook veel wankeler, aangezien te veel bouwstenen van onbekende materie waren geweest. Dan toch liever mijn eigen kleine dorpstoren, met de hand opgebouwd en hard als ivoor.

Toren3

Notities
[1] Technisch gezien is ook de geluidskwaliteit beter, maar het is tegenwoordig vrij lastig om een audiobestand van hoge kwaliteit te onderscheiden van CD-kwaliteit. Het verschil is aanwezig, maar mijns inziens te miniem om een factor van formaat te kunnen zijn in de verhouding tussen de fysieke en digitale markt.

[2] Kijk bijvoorbeeld maar naar de recensies van L’Ordure à l’état Pur. In een groot aantal recensies spreekt men over “J’avais rêvé du Nord” delen 1 & 2, een nummer dat op het album gewoon één geheel is. Op YouTube bestond er tot voor kort echter een lengtelimiet voor HD-video’s, waardoor lange nummers als “J’avais rêvé du Nord” opgedeeld moesten worden. Recensies waarin over twee delen wordt gesproken, zijn dus gebaseerd op de YouTube-versie van het album. Zie ook informatie hierover in dit interview met Peste Noire.

[3] Dit bedoel ik in het opzicht dat onze besprekingen kunnen worden aangehaald om de achtergrond van een album of het concept van een band te kunnen vatten. Maar weinig andere recensies op het internet komen überhaupt toe aan het bespreken van thema’s als bandconcept, esthetiek en culturele achtergrond.