Nu alleen nog in het Engels

Vanwege de internationale samenstelling van ons schrijversteam en de schaarsheid van de tijd die wij kunnen steken in het produceren van nieuw materiaal zal de Nederlandse versie niet langer worden bijgewerkt. Graag verwijs ik u door naar de Engelse versie van de webpagina, alwaar u zonder advertenties onze nieuwste artikelen kunt lezen.

Gaat u daarom naar: http://www.blackivorytower.com

Advertenties

In weelde verwelkend

“Het duizendstemmige gonzen van insecten en de kreten van nachtdieren in het oerwoud schenen een onderdeel te zijn van de indrukwekkende stilte. Boven de bergtoppen fonkelden de sterren met ijskoud licht. Ik staarde naar de zwarte oever aan de overkant van het meer, waar het gebladerte de wateroppervlakte raakte. Zonder moeite kon ik me voorstellen dat daar boze geesten zich verscholen hielden, gereed tot de aanval.”
– Hella S. Haasse, Oeroeg, 1948.

Velvet Cacoon - Atropine

Artiest: us Velvet Cacoon
Album: Atropine (dubbel-cd)
Platenmaatschappij: Full Moon Productions
Jaar: 2009
Taal: Engels
Genre: Aroma’s van het onderaardse

Oorspronkelijke Engelse tekst door MDL (click here for the English version)
Nederlandse vertaling door Degtyarov
Foto’s vervaardigd door MDL voor Seiðstafr photography

sjöström

Zelfs nu de lente is aangebroken en onze schaduwen weer korter worden, drukt een herfstachtige sluier laag op de aarde, een restant van het ‘seizoen van mist en milde fruitigheid’, zoals Jeeves ons ongetwijfeld in herinnering zou brengen; een perfect moment om de boeiende sfeer te delen van Velvet Cacoons duistere werk Atropine. Als één der meest intigerende projecten die uit Amerikaanse aarde is ontsprongen, is Velvet Cacoon – onder leiding van een man die bekend staat als Josh – zich in de loop der jaren te buiten gegaan aan allerhande gezwendel om vriend en vijand om de tuin te leiden en de wereld van black metal precies te laten zien hoe belachelijk het hele ‘trve kvlt’-idee in werkelijkheid is (het bekendsteheimstatt voorbeeld hiervan is nog wel hun uitvinding van de zogenaamde ‘dieselharp’ – een gitaar die op diesel loopt, vuur spuwt, en wiens geluid verwerkt wordt via een tank met zout water en bloed). Deze escapades hebben een onoverbrugbare afstand gecreëerd tussen de groep en liefhebbers van traditionele black metal – een feit waar de bandleden niet al te lang wakker van zullen hebben gelegen – maar op een bepaalde manier stroken al deze gebeurtenissen met het idee van Velvet Cacoon als Gesamtkunstwerk; het vervaardigen van een droomwereld waarbinnen kunst kan leven en ademen. Dit wordt weerspiegeld door een geluidsfragment op het einde van hun nummer “Winterglow” op Northsuite (2005), geleend van The Man of La Mancha (op diens beurt uiteraard gebaseerd op Cervantes’ meesterwerk Don Quixote):

“When life itself seems lunatic, who knows where madness lies? Perhaps to be too practical is madness. To surrender dreams, this may be madness.  To seek treasure where there is only trash.  Too much sanity may be madness, and maddest of all: to see life as it is, and  not  as it should be!”

Hoewel de voorgaande uitgaven breed genomen allemaal een blackmetalsignatuur hadden; Dextronaut (2002), Genevieve (2004), Northsuite (2005) en het mysterieus getitelde P aa Opal Poere Pr.33, kenmerken zij zich ieder door een unieke esthetische en auditieve benadering van het genre. Beelden van luxe, verdorvenheid en afzondering (in de geest van Huysmans’ À rebours), sluimerende narcotica, nevels van stukslaande golven, herfstaroma’s, lamlendigheid en Victoriaans meubilair smelten op deze – zeer aan te bevelen – albums samen met traditionelere verwijzingen naar sneeuw en wouden. Op Atropine zijn wij er echter getuige van dat de esthetische thema’s en golvende geluiden die de luisteraar betoverde in het oeuvre van VC naar hun logische slotsom worden begeleid, in een unruhige reis van dark ambient die zo’n twee uur bestrijkt.

Wat meteen opvalt na een blik op de titels van de nummers is dat het gebruik van woordspelingen, of beter gezegd woordambacht een centrale rol speelt in de beleving van ieder stuk. Sferische namen als “Nightvines”, “Autumnal Burial Victoria” en het magnifiek narcotische “Dreaming in the Hamlock Patch” zetten het canvas neer voor de luisteraar, die vervolgens zijn door de muziek geïnspireerde droombeelden als verf op het doek werpt. Deze benadering – het opeenstapelen van woorden met als doel het opwekken van iconografische of door gevoel gedreven reacties in de geest van de luisteraar – is geen nieuwe verschijning in het oeuvre van Velvet Cacoon; men hoeft maar terloops kennis te nemen van één van de voorgaande uitingen van de groep om uit te komen op een stuk als het voorgenoemde “Winterglow”, waarop een kalme, akoestisch gespeelde gitaarlijn en een gebrek aan nagalm een onmiddellijkheid, intimiteit en – paradoxaal genoeg voor glacialblack metal – knusheid oproepen die de aard van de titel weerspiegelen. Het titelnummer van Genevieve begint met een ruige, dissonante wervelstorm die zichzelf oplost met een botsing op een peinzende arpeggiomelodie, delicaat en bijna vrouwelijk aanvoelend, als een veer. “Marylux” (P aa Opal Poere Pr.33), dat aandoet als de naam van één of andere goed ingerichte schoener, bevat een ritme en deining die uiterst nautisch van smaak is, wiens auditieve diepte een beeld vormt van de eindeloze vatemen beneden zijn romp. Ieder artistiek aspect van dit project is voorzichtig en bewust gekozen, met een overweldigende aandacht voor details, om zo goed mogelijk de wereld en stemmingen te vatten die VC besluit aan te roepen. Hun teksten zijn niet minder intrigerend, daar zij geen verwijzingen bevatten naar de volhardend gangbare onderwerpen van de talloze dertien-in-een-dozijn-groepen in de black metal (i.e. satanisme, plunderende Vikingen of misantropisch gedreven genocide), maar zich in plaats daarvan uitleven in het verkondigen van een bijna overdreven decadentisme dat maar al te graag geleefd wil worden:

“All of our maps are lost in the wind, luxurious wordplay back in hand, laced to the nines in immaculate decadence, the late Oregon fold, life on a grey seacoast, snowsailing into the deep December lavender of a heartbeat’s cadence, drinking Grenache over and over, Grenache Grenache Grenache, spiced lacquer coating in the fade dusk,  passages from À rebours, manic laughter at old art and new vignettes, music of the sea, stars, drugs, dreams, soft nothingness treasured, and after too much delay we have finally started recording the new album.

What is there to say? The rain out here is endless, grey waves all day, black waves all night, sheets of freezing rain are almost piercing, very influential on the whole process. This feels incredible.”

Bij aanvang van de gewaarwording van Atropine drijft ons met het openingsnummer “Candlesmoke” een nauwelijks hoorbare noot tegemoet, breekbaar als glas, trillend op de rand van ons gehoor alvorens over te gaan in een dreunende golf, als de rook die zich zwevend van de kaars beweegt, in een cadens omhoog en omlaag stuwend, een sfeer opwekkend die drukkend en bijna ritualistisch van aard is. “Funeral Noir” kenmerkt zich door een weerbarstiger aanpak, waarmee het nummer zijn titel eert. Een strakkere beweging van noot naar noot, gehuld in een bijna koperen textuur, doet denken aan het sombere decor van een antieke lijkwagen. The Phantom Carriage van Sjöström deelt het gevoel van hopeloosheid en macabere onontkoombaarheid dat “Funeral Noir” oproept: Holm dronken op een kerkhof, gedood en veroordeeld tot het besturen van het voertuig over een verwoest landschap. Elke toon dijt uit en krimpt weer ineen, waarmee zij het opwekken van sentiment vermijden maar elk stuk zegenen met een onmiskenbaar unheimisch en somber palet. “Graveyard Sonnet” is een persoonlijke favoriet. Kalm luidt de compositie haar eigen bestaan in, waarbij elke noot een uitgesmeerd akkoord introduceert, als een verstomde bel die in de verte nog enige tonen weet uit te brengen. Een grote mist of nevel omhult dit stuk, dat zich grotendeels tussen drie akkoorden beweegt, wat resulteert in een stuk smachtende, peinzende nostalgie, als die van een eenzaam figuur verzonken in zijn eigen gedachten in een afgesloten studeerkamer of aan een verlaten kust. Vaak stel ik dit stuk gelijk aan gedeelten van Donna Tartts roman The Secret History, waarin de hoofdpersoon alleen gelaten wordt in Vermont in het hart van de winter. De zich opstapelende sneeuw, troebele waarneming, isolatie en een slaapwandelend, droomachtig bestaan zorgden ervoor dat de eerste symptomen van hypothermie toe konden slaan – all deze thema’s corresponderen goed met het golvende geronk van “Graveyard Sonnet”. Een ander kenmerk is het gefluister dat louter bestaat op de rand van hoorbare perceptie, gelijk Electronic Voice Phenomena (EVP), die in en uit het stuk breken, nadruk leggend op het onderaardse en kerkhofaspect, beneden de aardkorst gemetseld. De manier waarop de zware tonen ruim zijn gespreid, waardoor ze kunnen ademen, voorzien de hele compositie van een drukkende doch spookachtige sfeer, die verschrikkelijk noch verdrietig is, maar zwevend en op een vreemde manier warm en fluweelachtig. Het laatste lied van de eerste schijf is het eminente en nachtelijke “Dreaming in the Hemlock Patch”. Tijdens deze ijzige, dodelijk narcotische reis, waarvan het pad is geplaveid met giftige bladen, ligt de luisteraar spartelend te midden van een mysterieus en minimalistisch muzieklandschap. Een twijfelmoedige toon openbaart zich, gelijk een uitbloeiende plant in zowel sierlijkheid als traagheid, die het lied langzaam voortstuwt op een beteugeld volume. Bij tijd en wijlen springen opwellingen van deze tonen met toegenomen volume en octaaf uit deze ingekapselde fundering en schitteren zij kort op de voorgrond alvorens weer te sterven. Het tempo van dit stuk, dat een lengte van bijna zevenendertig minuten heeft, beschikt over een Vedische rust, waarbij het geronk een zilveren, bijna maanachtige rand bevat wanneer het zich naar voren schuiven en in intervallen tot leven springt als een zwaar bedwelmingsmiddel dat de bloedsomloop binnen glijdt. Terwijl de luisteraar in een loomheid wordt gewiegd, sterven de laatste glinsteringen van de noten, waarmee de eerste helft van dit album ten einde komt.

clandestien

“Nightvines” krult het bewustzijn van de luisteraar binnen, wat het startpunt is van het tweede en laatste hoofdstuk van Atropine. In een eerbetoon aan de titel van het nummer barst ieder ronkend akkoord uit de luidspreker en windt het zich om de luisteraar heen, zich naar de voorgrond wevend alvorens het weer terug zinkt de stilte in. In een video die kortstondig op YouTube te vinden was, galoppeerde een uit lianen vervaardigd paard met vertraagd beeld door een duister moerasachtig landschap, een nachtelijk wezen dat enkel buiten het zicht van de mens acte de présence geeft. Een verborgen sfeer tekent dit nummer, niet geheel sinister maar wel met een zekere aroma van vervreemding, in de zin dat er iets aan de hand is waarmee wij niet vertrouwd zijn. Met een duur van zevenentwintig minuten is “Nocturnal Carriage” het op één na langste stuk op deze dubbel-cd, en wellicht de minst toegankelijke voor de luisteraar die niet bekend is met ambientmuziek. Een enkel akkoord staat geleidelijk op uit het water, met slechts minimale variaties in de hogere tonen die achter het hoofdakkoord kunnen worden waargenomen, bijna als boventonen, en de lichte aarzeling in de basis van de muziek. Verscheidene recensenten wisten te melden dat dit stuk hun dromen op aparte manieren beïnvloedde wanneer zij er ’s nachts naar luisterden, al valt het niet te zeggen of beïnvloeding van de theta-golven een bewuste keuze van de artiest was. Wat wel zeker is, is dat dit nummer een fragment van ambiance in “Funeral Noir” grijpt en bevriest, waarna het gedestilleerd wordt in één fragment zonder einde; Sjöströms sombere, ranke koets die zich langzaam een weg baant over stille meren en door stille dorpjes onder een benevelde maan. Een echoënde slag introduceert het volgende en tevens kortste nummer op het album: “Earth and Dark Petals”. De percussieslagen manifesteren zich door het hele stuk, graven sluiten zich in de diepe aarde, met zwaar omhuld gedreun dat eromheen valt.  Een uitgespannen melodie treedt naar voren in de hoogte en het draait zich richting de nachtelijke hemel, waarna de tonen ter aarde dwarrelen als bladeren, het gedreun beneden zich bedekkend. Net wanneer de luisteraar zich geabsorbeerd weet in de sfeer sterven de laatste tonen na drie minuten, waarna het stuk zijn wedergeboorte beleeft als “Autumn Burial Victoria”. Een enkele dunne nootweelde openbaart zich vanuit de stilte, waarna het steevast op de steun mag rekenen van de zwaarste en meest spookachtige dreunen die op Atropine kunnen worden aangetroffen. Het gegons behoudt een constante noot, zich als een vette slang om de bastoon heen wikkelend; op zachte wijze spreidt het een simpele melodie uit, wat de luisteraar de indruk geeft te worden begraven in de aarde, onder een veld van gevallen bladeren en herfsttakken; boven de grond liggen zoet rottende appelen op takken te baden in de mist. Een vuurtoren prikt langzaam door de stugge mist, door een kalme en wollige zee. Net als men volledig raakt ondergedompeld in deze dikke doch dampende tonen, meldt zich een donderende, percussieve verschijning (lijkend op die in het vorige nummer) op de achtergrond, uitgerekt tot gesis, en het geronk sterft langzaam weg, zich terugtrekkend als nachtelijke mist bij het aanschouwen van de eerste verkleuringen des zonsopgangs.

Atropine is één van die zeldzame albums die de luisteraar een uiterst absorberende en tijdloze sfeer bieden door het gebruik van minimalistische dreunen en ijzige tonen. Op passende wijze werd het album uitgebracht door Full Moon Productions met de volgende aankondiging:

“Atropine extracts of henbane were used by Cleopatra to dilate her pupils to appear more alluring. In the Renaissance, women used the juice of belladonna berries to enlargen the pupils of their eyes for cosmetic reasons (in Italian, “bella donna” translates to “beautiful lady”). Later on, belladonna was used by witches before flight. The juice of the berries was applied to their vaginas resulting in massive and sometimes lethal dosages of atropine. In this state of unbelievable hallucinatory incoherence, they believed they were actually flying on their brooms and as they spoke aloud their spells the results unfolded right before their eyes.”

Dit album werd nauwkeurig vervaardigd gedurende een periode van vier jaar onder de goed gesurveilleerde invloed van mandragora, dolle kervel, datura stramonium, bilzenkruid, belladonna en jesaconitine-afscheiding. De meeste dreuntonen zijn opgenomen op een dar-tape en in de grond begraven, om na twee jaar weer tot leven gewekt te worden voor gebruik.

De thema’s van hallucinatie en narcotische ervaring/mijmerij zijn niet nieuw voor Velvet Cacoon – zij hebben een lang de invloed van bedwelmingsmiddelen op hun muziek en sfeer uitgesproken – maar hier op Atropamine komen zij het puurst tot uitdrukking. De uitgespreide texturen in “Dreaming in the Hemlock Patch” lijken het effect van verscheidene experimentele drugs te imiteren, en inspireren de verbeelding zeker tot  een soort dagdromen. Het aspect ‘begraven’ komt ook vaak voor op Atropine, doch niet in diens morbide zin. Eerder is het die wonderlijke logheid die voelbaar is tijdens verlamming of koorts, in de aarde gewikkeld en bewegingsloos. Dit is een album dat net zoveel luisteraars zal hypnotiseren en stimuleren als het mensen zal vervreemden en afschrikken met diens lengte en diepgravende gedachten. Het gebruik van weelderige texturen is uiterst toepasselijk voor Velvet Cacoon terwijl ze voor het eerst doorstoten naar puur ambientterrein. Bovendien is het moeilijk een beter voorbeeld te bedenken van gedestilleerde en uiterst absorberende muziek.

scent

Als een aanvulling op het einde van deze bespreking is het de moeite waard te vermelden dat de voornaamste creatieve kracht achter Velvet Cacoon (en diens opvolger Clair Cassis) tevens de eigenaar van en de neus achter het geurwaterhuis Slumberhouse is, dat zich in Oregon bevindt. Het is mijn overtuiging dat de gecreëerde geuren verweven zijn met de esthetiek die zich in de discografie van Velvet Cacoon manifesteert, met namen als Tarnet, Norne, Ore en Vikt, waarvan er veel zware, zich opdringende aroma’s zijn die elementen bevatten van hooi, tabak, leer en soortgelijke producten. Ik bezit er verscheidene (sommige gekocht, andere gul naar mij opgestuurd door Josh) en allemaal bezitten zij een gehalte vakmanschap en diepte dat betoverend is. Zeer aanbevolen, en hier te verkrijgen: http://www.slumberhouse.com/

Bezetting
SGL – gitaar, bas, drum, zang
LVG – gitaar

Nummers
Schijf 1
1. Candlesmoke (6:24)
2. Funeral Noir (9:35)
3. Graveside Sonnet (12:38)
4. Dreaming in the Hemlock Patch (36:44)

Totale speeltijd: 1:05:21

Schijf 2
1. Nightvines (13:02)
2. Nocturnal Carriage (27:55)
3. Earth and Dark Petals (3:03)
4. Autumn Burial Victoria (13:06)

Totale speeltijd: 57:06

Naar de sportschool voor het Moederland

“Maar de grootste dingen die ons bestaan kenmerken laten zich niet in een hoek duwen, de liefde niet, het huwelijk, het gezin, de mislukking niet, noch de dood. Zij blijven onze daden richten.”
– Ferdinand Bordewijk, Bij gaslicht, 1951.

voiceless

Artiest: by Камаедзiца (Kamaedzitca)
Album: Безмолвные слова твои (Bezmolvnie slova tvoy / Voiceless are your words) (langspeelplaat)
Platenmaatschappij: På Gamle Stier
Jaar: 2012
Taal: Wit-Russisch; Russisch
Genre: Overstijging van het mondaine

Tekst door Degtyarov
(For the English version, click here)

kamaheader

“Als de eerste sneeuw op een verlaten weg”

Een zoektocht naar de beste muziek is een expeditie vol valkuilen. Ieder genre wordt geplaagd door intellectuele leegte. Het woord ‘genre’ zelf impliceert al een herhaling van zetten; gedoemd om te verworden tot een benaming voor alle slappe aftreksels die door hetzelfde handjevol pioniers geïnspireerd raakten. Hierbij is het niet alleen het gebrek aan originaliteit, maar vooral het ontbreken van bezieling dat de geloofwaardigheid van artiesten parten speelt. En toch bevolken ze in groten getale allerhande muziekscenes. Legers van eentonige indiebandjes met quasi-Beatleskapsels, metalbands met lang-haar-omdat-het-moet, rappers die verhalen van hun zware thug life in de ghetto terwijl ze in Triestigheid aan de IJssel wonen… stuk voor stuk zijn ze even onnozel in hun overtuiging dat inspiratie en imitatie in elkaars verlengde liggen. De imitatie mag dan het beste compliment zijn, maar daarmee wordt het voor de omstanders nog niet leuker om aan te horen.

Er zijn wel degelijk muzikanten die zich realiseren dat het nadoen van idolen niet volstaat, maar het probleem is daarmee niet per sé opgelost. De zucht naar originaliteit verleidt velen ertoe hun hand te overspelen. Zij komen op de proppen met iets wat daarvoor inderdaad nog nooit iemand heeft bedacht, laat staan uitgevoerd. Maar dikwijls is goed te horen dat daar dan ook alle reden toe is geweest. Zie daar de reden dat originaliteit in de muziek nog te vaak gelijkstaat aan carnavaleske kitsch met ‘gek doen om het gek doen’ als enige leidmotief. Of erger, muziek die naar een hoger plateau getild moet worden door het verhaal erachter. Kunstenaars grijpen die mogelijkheid aan om hun ongekend talent te etaleren om ongeïnspireerde rommel te verkopen met een even opzichtig als opportunistisch filosofisch laagje; zij het een extistentiëel vraagstuk met de diepgravendheid van bladgoud of één of ander ‘social statement’ waar zelfs de meest doorgewinterde soixant-huitard van moet kokhalzen. Het zijn tactieken die de gebrekkige inhoud van de muziek moeten maskeren en de reden dat er platen als Musique barbare van Karel Appel bestaan, een werk al even waardeloos als de rest van zijn zogenaamde kunst.

Ook in de metal- en rockscenes treft men dergelijke wolligheden aan. Om de haverklap gooit één of andere band – puur omdat het kan – weer eens twee of meerdere muziekstromingen door elkaar. Punk en jazz, hoe verzin je het! En uiteraard, wij als klootjesvolk worden geacht subiet te applaudiseren voor de onbeteugelde creatieve geest die het heeft behaagd deze twee onlogische elementen met elkaar te verbinden. Dat zou misschien nog wel op te brengen zijn geweest als wij inderdaad een verbluffend resultaat voorgeschoteld hadden gekregen. Maar helaas is er een levensgrote kans dat de artiest in kwestie eerder het gelijk bewijst van degenen die het tot dan toe niet hadden aangedurft de twee stromingen door elkaar te mengen. Of het nou de hele Noorse avant-gardebeweging uit de jaren ’90 is (Ved Buens Ende, Dødheimsgard), of individuele bandjes met een vreemde stijl, ze maken allemaal dezelfde fout: ze zijn in de veronderstelling dat je door bewust het ‘rare’ en het ‘onlogische’ op te zoeken, je vanzelf op een origineel idee komt. Ware originaliteit zit ‘m echter niet in het afzetten tegen het gevestigde, maar in de intrinsieke motivatie om iets te creëren ongeacht van of het binnen de gebruiken van een bepaald genre valt.

“Het werk van Kamaedzitca is het resultaat van technische competentie en een gezonde dosis dikke vette schijt aan conventies.”

Wie een beschrijving van de recente bezigheden van de band Kamaedzitca in zich opneemt, zal wellicht denken dat ook deze band zich schuldig maakt aan de misplaatste originaliteitsdrang die de kunstwereld in haar greep houdt. Hun muziek vertoont kenmerken van black metal, traditionele muziek, hardcore, RAC, ambient en zelfs rap; normaal gesproken het soort mengelmoes dat voorbehouden is aan pretentieuze allesmixers die maar her en der invloeden bij elkaar sprokkelen in een wanhopige poging te verdoezelen dat ze nergens echt in uitblinken. Toch bekruipt je bij het beluisteren van Kamaedzitca dit gevoel nimmer. Hun muziek wekt dezelfde aura van naïviteit op als het oeuvre van Dub Buk, maar net als bij die Oekraïense formatie is het werk van Kamaedzitca het resultaat van technische competentie, een heldere muzikale visie en een gezonde dosis dikke vette schijt aan conventies.

Desalniettemin is de oorsprong van de groep bescheiden. Toen het project nog betrekkelijk normaal begon als een zich van heidense thematiek bedienende black-/folkmetalband, waren de Wit-Russen geen eigenaardige verschijning in het muzikale landschap van hun Slavische thuisregio. In een klein aantal jaren heeft de groep echter op alle mogelijke vlakken opvallende ontwikkelingen doorgemaakt. Waren de vijf oorspronkelijke leden op oude bandfoto’s nog getooid in de traditionele klederdracht die onder genregenoten eerder regel dan uitzondering is, op nieuw promotiemateriaal zijn de twee nog overgebleven leden te zien met kort haar, veel spiermassa, strakke shirts, trainingsbroeken en gympen; een uiterlijk dat je eerder bij Slavische straatvechters zou verwachten dan de altijd iet wat zweverige folktypes die wegdromen bij een geromantiseerd nationaal verleden dat al dan niet is opgeleukt met elfjes, eenhoorns en andere homo-erotische fantasymeuk.

gruppa

De muziek heeft eenzelfde transformatie doorgemaakt, al rijkt het muzikale inzicht dat door bandleden Luty en Artsem tentoon wordt gespreid nog altijd veel verder dan wat je bij Oost-Europese sportschoolfiguren zou verwachten. Vooral op het album Bezmolvnie slova tvoy (dat ter bevordering van de leesbaarheid vanaf hier zal worden aangeduid onder de officiële Engelse titel Voiceless are your words) komt dit tot uiting. Want hoewel deze 75 minuten aan muziek in zowel tekstueel als muzikaal opzicht een diversiteit vertoont zoals die zelden op een langspeelplaat is waargenomen, wordt op geen moment de samenhangendheid van het album bedreigd. En dat is knap, want alles wat er over het ene nummer kan worden gezegd, wordt in het volgende al weer geheel ontkracht. Het ene moment lijken uitbundige, rijk versierde solo’s een classicrockepos in te luiden, terwijl doom-achtige riffs en raspende vocalen luttele minuten later de sfeer een geheel andere kant op dirigeren. Het geheel wordt afgewisseld met ambientnummers, terwijl composities van de ene na de andere stijl bewijzen dat hij door de muzikanten compleet wordt beheerst.

Wat Kamaedzitca een nog complexer project maakt, is dat het door diens connecties en denkbeelden vaak in de RAC-scene wordt ingedeeld, wat op zichzelf weer een heel nieuw scala van verwachtingen schept. In tegenstelling tot veel andere aan black metal gerelateerde projecten is de indeling van Kamaedzitca in het rechtse muziekwereldje niet gebaseerd op ambiguïteiten en vage associaties of verdachtmakingen. De band nam een split-CD op met onder andere Kolovrat (de beruchtse skinheadband van Rusland) enstad identificeert zich openlijk met de noemers “Pagan – NS – Straight-Edge”. Maar net zoals met ieder etiket dat op de band geplakt kan worden, zijn ook deze labels te beperkt om accurate verwachtingen te scheppen van de aard van de muziek. Rechtse muziek heeft doorgaans het imago van amateuristische gelegenheidspunk die zijn bestaansrecht exclusief ontleent aan diens propagandistische waarde [1].

“De aanwezigheid van een poëtische dimensie alleen al is namelijk genoeg om dit album buiten het kader van ondoordachte propagandamuziek te plaatsen.”

Doch suggereren de veelzijdigheid van de muziek en de rijkdom aan tekstuele thematiek dat Kamaedzitca uit ander hout is gesneden dan het willekeurige wegwerpbandje dat de RAC-scene ‘rijk’ is. Gedurende de zeventien nummers wordt er gezongen, gesproken en geschreeuwd over het lot van Wit-Rusland en de Slavische volkeren, over sport, over geheelonthouding, over verloren beschavingen en over verwelkte liefdes, dikwijls voorzien van een poëtisch omhulsel dat gestoeld is op grootstedelijke weemoed. Door middel van doffe straatlichten, vaag omlijnde schaduwen, verlaten straten en beslagen ruiten wordt een beeld geschapen van eenzame metropool, die op haar beurt fungeert als plaats van handeling of symbool voor verval, eenzaamheid of afscheid. De algemeenheid van dat beeld staat de teksten toe meerdere lagen te bevatten, waarbij sommige tekstfragmenten kunnen worden geïnterpreteerd als het betreuren van een verloren liefde of het beklag over de naderende ondergang van de natie, zoals in het briljante slotnummer “Ustavshee odinochestvo” (“The tired loneliness”):

“Shadows drifting, turning in departure
The city lights behind us, and you’re alone
Night falls, and it feels as breath on glass
Leaving simply, but definitively
Floating silhouettes, faded in memory

That night, it was a dream,
as if it happened to someone other than us” [2]

Met deze meerlagigheid positioneert Kamaedzitca zich op dit album ver boven de propagandistische muziek die meer geïnteresseerd is in het expliciet overbrengen van een boodschap dan het met gevoel en subtiliteit vertellen van een verhaal. De bijna esoterische aanpak van de Wit-Russen zorgt er namelijk voor dat niet iedereen de capaciteiten zal hebben om te begrijpen waar zij het over hebben, waardoor de lezing van dit album als de zoveelste flagrante poging tot hersenspoeling definitief door de mand valt; de aanwezigheid van een poëtische dimensie alleen al is namelijk genoeg om Voiceless are your words buiten het kader van ondoordachte propagandamuziek te plaatsen.

Aan welke kant van het politieke spectrum de bandleden zich bevinden, blijft echter als een paal boven water staan. Zo wordt in het nummer “Evropa-Rus'” een Wit-Russisch/Slavisch nationalisme uiteengezet dat zich onder meer kenmerkt door de harmonie van cultuur en traditie. Het weerspiegelt een wereldbeeld dat wordt gekenmerkt door etnisch nationalisme, maar dan wel van het slag dat een diepere verbintenis zoekt tussen de Europese volkeren, en zich niet zozeer wenst te bedienen van chauvinisme. Wat opvalt aan de ideologie van Kamaedzitca is dat het, hoewel de band zichzelf expliciet met het (Slavische) heidendom vereenzelvigt, veel overeenkomsten vertoont met het Orthodoxe geloof. De conservatieve blik die de band met enige regelmaat werpt op onderwerpen als voortplanting, technologie en commercie stroken met een sentiment waar in Oost-Europa meer draagvlak voor bestaat dan in het uiterst liberale Westen. Hierdoor kan de band in politiek opzicht nog extremer overkomen op de Westerling dan op één van de eigen landgenoten.

“Het befaamde onderscheid tussen de artiest en de muziek is niet zo noodzakelijk voor gevoelige figuren als het was op een deel van het eerdere werk van Kamaedzitca.”

Toch is de aanpak van deze thema’s op Voiceless in your words een stuk implicieter. De teksten staan nauwelijks in vergelijking tot hun eerder verschenen nummer “Chas baratsbi”, nota bene een sterk door rap geïnspireerde compositie waarin de aanval wordt geopend op zo ongeveer alle aspecten van de moderne samenleving die in strijd zijn met het nationalistische en extreem conservatieve wereldbeeld van de heren Luty en Artsem, of het nou McDonald’s, de sushihype, liberalisme, homoseksualiteit of voorbehoedsmiddelen zijn. Tegen deze achtergrond van politiek extremisme steekt een groot deel van de inhoud van Voiceless are your words bijna mystiek af. De wat meer belezen luisteraar zal hier en daar nog fragmenten ontdekken die aantonen dat de band niet bepaald is veranderdsnork qua ideologische inslag, maar de subtiele aanpak maakt het makkelijker om deze elementen los te koppelen van de muziek, mocht daar de behoefte voor bestaan. Maar het befaamde onderscheid tussen de artiest en de muziek om een interne ethische strijd te voorkomen is dus niet zo noodzakelijk voor de doorsnee ‘muziek en politiek gaan niet samen’-roeper als het was op een deel van het eerdere werk van Kamaedzitca.

Waar het in de esthetiek van Voiceless are your words en daarmee het moderne Kamaedzitca vooral om draait is zelfverbetering. Hiertoe kan men zich volgens de teksten van zanger Radan Luty met name bewegen door middel van het bevorderen van de eigen fysieke gezondheid door middel van training en sport, maar vooral ook door het vermijden van die elementen die lichaam dan wel geest schade zouden kunnen berokkenen. Dit is dan ook de bron van de eigenaardige combinatie van romantische heidense thema’s, sociaal-conservatieve waarden en het sportschoolsfeertje dat de band sinds enige jaren omringt. De paradox zit ‘m erin dat de hedendaagse sportschool en alles wat er in omgaat, of het nou bodybuilding, contemporaine vechtsport of reguliere fitness is, wordt omgeven met het egoïstische. De hoofdmotivatie van de moderne mens om aan zijn eigen lichaam te werken vindt haar oorsprong voornamelijk in ijdelheid. Loop een lokale kleerkastenhangplek als een sport- of kickboxschool in, en het merendeel van de aanwezigen aldaar handelt vanuit het verlangen om geaccepteerd, gerespecteerd, gevreesd en/of bemind te worden, dan wel een ander eendimensionaal belang als oppervlakkig tijdverdrijf. In vroeger tijden bestond de motivatie voor het op pijl houden van de fysieke gesteldheid uit meerdere lagen, bijvoorbeeld een wereldse, gemeenschappelijke noodzakelijkheid als het moeten kunnen verdedigen van lijf en goed (wat nu door de overheid wordt gepoogd te doen), of het eren van de Schepping [3]. In het werk van Kamaedzitca beleeft deze multidimensionaliteit een herleving, daar men doorgaans lichtzinnige activiteiten als gewichtheffen, opdrukken en elkaar afmatten in dienst stelt van het streven naar een supermens, dat zich met een gezonde geest in een gezond lichaam ontpopt als de totale man, die beschikt over de discipline en zelfbeheersing die nodig zijn om de uitwassen van de moderniteit te bestrijden en diens verleidingen te weerstaan. Een sportschoolabonnement voor het Moederland, zo gezegd.

De boodschap van Kamaedzitca wat betreft lichamelijke en geestelijke fitheit zal voor meenigeen vreemd aandoen. Niet alleen omdat het in de moderne wereld moeilijk is voor te stellen dat iemand zijn lichaam verzorgt voor een andere reden dan het scoren van afspraakjes, maar ook vanwege de cultus van zwakheid die in de loop der jaren in politieke retoriek, de televisiecultuur en de algemene perceptie van de westerse wereld is geslopen. Onkunde steelt de show in vele televisieprogramma’s en geestelijke ziekten worden verheerlijkt, terwijl ongeletterdheid, alcoholisme en zwaarlijvigheid worden toegeschreven aan ziektes en aandoeningen… Alles lijkt van stal te worden gehaald om de eigen verantwoordelijkheid maar te kunnen ontwijken. Dat de muziek van Kamaedzitca op de ‘ziek-zwak-misselijk’-mentaliteit van de contemporaine samenleving reageert door juist die zelfdiscipline te verheffen en deze weer in dienst te stellen van een hoger doel, kan een vervreemdend effect hebben op diegenen die enkel in staat zijn de wereld in letterlijkheden waar te nemen en buiten ijdelheid geen reden zien om het beste uit zichzelf te halen.

“De gedesequilibreerden stoot de school af omdat zij niet willen leren gehoorzamen. Ik maal niet om de psyche van een kind, dat een rottigheid is van deze tijd.”
Ferdinand Bordewijk, Bint, 1934.

De terugkeer van een fitheidsideaal dat ijdeltuiterij overstijgt, verklaart uiteindelijk niet alleen waarom de benadering van de band op het eerste gezicht zo onlogisch lijkt, maar ook waarom de muziek zelf aanvankelijk wat verwarrend kan overkomen. Uit de vechtsportcultuur neemt Kamaedzitca muzikale invloeden mee die men bij genregenoten nooit zal aantreffen. Op het album is een overvloed aan aan elementen aanwezig uit moderne muzieksoorten, zoals electronica, hardcore en bij vlagen zelfs een vleugje rap. Ieder voorzien zij de muziek van een opgeklopt MMA-sfeertje, waardoor menig nummer op dit album niet misstaat als soundtrack voor gewichthefsessies of straatgevechten. Het contrast is dan ook groot met de onderstructuur van Wit-Russische/Slavische volksmuziek, een nadrukkelijk aanwezig residu van de beginperiode van de band, waarin het als folkmetalformatie de ondergrond bestookte. Dit tezamen produceert een dualiteit die bij geen enkel ander muziekproject als zodanig kan worden aangetroffen.

Eenzelfde dualiteit treft men aan in de ambientnummers en -fragmenten die op Voiceless are your words wederom in rijkelijk aanwezig zijn. In tegenstelling tot op eerder materiaal, gaat de ambient ditmaal gepaard met subtiele doch opvallende electronica-geluiden. Toeval of niet, het is toepasselijk dat de band hier juist nu mee komt, aangezien vooral dit soort nummers zinspelen op de relatie tussen de moderne mens, oude beschavingen en een buitenaardse invloed. Hierbij is het niet moeilijk te bedenken wat of wie de klassieke en de moderne geluiden/melodieën die in verscheidene nummers naar boven komen, respectievelijk vertegenwoordigen. Of de band met deze thema’s flirt door oprechte overtuiging of ze enkel aanroept vanuit terloopse interesse, daar valt over te discussiëren. In ieder geval drijft de eigenaardige keuze van onderwerpen deze band in zowel tekstueel als muzikaal richting een nichegebied waarvan leden Luty en Artsem vooralsnog de enige bewoners in de wijde omtrek zijn.

travels2

De weerklank van de verweving van antiek en modern die de benadering van de groep kenmerkt, komt nog het sterkst tot uiting op een nummer “Duch vojna” (“The Warrior Spirit”) dat weliswaar niet op het album staat, maar wel rond dezelfde tijd werd opgenomen. Het lied werd geschreven voor een MMA-toernooi en trekt een parallel tussen de strijdlust die nodig is voor het winnen van een kooigevecht enerzijds en de krijgsgeest die de inwoners van Roethenië in de loop der eeuwen hebben opgebouwd anderzijds. Als weerspiegeling van deze vergelijking, schakelt men in de muziek moeiteloos over van rave-beats naar solopartijen gespeeld op traditionele instrumenten als de doedelzak en de fluit. Van de achterliggende boodschap wordt dus op knappe wijze gebruik gemaakt om de muziek vorm te geven, waardoor deze een stuk beter te vatten wordt en na verloop van tijd, in tegenstelling tot bij een eerste indruk, allerminst zal overkomen als verwarrend of paradoxaal.

Hoewel de verschillende invloeden op Voiceless are your words eerder egaal over de nummers zijn verspreid dan dat zij binnen één compositie tegen elkaar ‘strijden’, is de veelzijdigheid op het album prominent aanwezig en even verantwoord als op “Duch vojna”. Zo kan het voorkomen dat composities die op eerdere, traditionelere uitgaven van de band niet hadden misstaan, worden opgevolgd door nummers met een dominante hardcore-invloed, die weer afgewisseld worden met ballades, electronica, ambient en reguliere rock. Het verrassingspakket dat Voiceless are your words heet kent dan ook nog bizarre uitschieters als een rock-cover van de hoofdmelodie van “Breathe” van The Prodigy, en een anderhalve minuut durende sample van een sportschool. Wellicht dat sommige van deze stilistische overrompelingen gefronste wenkbrauwen opleveren, maar al met al komt Kamaedzitca er toch altijd mee weg en worden er nergens keuzes gemaakt die esthetisch écht bedenkelijk zijn. Dit was trouwens wel het geval op het voorgaande album van de band, Вернасць (Loyalty), waar op één nummer dezelfde griezelige sample van lachende kinderen wordt gebruikt als in het videospel Diddy Kong Racing (!), terwijl een ander lied louter fragmenten bevat van het eerdere werk van de band, als ware het een soort reclamespot. Dit bewijst dat, hoewel Kamaedzitca al langer aan deze unieke weg aan het timmeren is, het met Voiceless are your words pas echt van begin tot eind spijkers met koppen gaan slaan.

“De mensheid maakt haar tijden, het individu doet wat zijn tijd van hem eist.”
– Ferdinand Bordewijk, Bint, 1934.

Door de eigen geschiedenis succesvol te verbinden met de hedendaagse cultuur, slaagt Kamaedzitca in wat het uiteindelijke doel van al dit soort muziek is, of zou moeten zijn: ze leveren een stuk nationale kunst af. Luty en Artsem tonen zowel de kunde als de bereidheid om muziek te maken die niet alleen de rijke muzikale en culturele tradities van het Wit-Russische thuisfront eren, maar hen ook overstijgen; overstijgen in de zin dat er een stuk muziek wordt afgeleverd dan niet altijd traditioneel klinkt – soms zelfs het tegenovergestelde daarvan – maar te allen tijde de traditionele geest uitstraalt en uitdraagt. Anders gezegd, stellen zij hun talenten, visies en ambities artsemin dienst van een bredere nationaal-culturele context. En hiervoor verdient de band respect, ongeacht van de ideologie die zij uitdragen. Want in deze tijd, waarin cultureel ontwortelde fastfoodmuziek de overal norm is – van de lage tot de zogenaamde hoge cultuur – is het bemoedigend om te zien hoe bewust een duo van volstrekt onbekende muzikanten  met twee benen op eigen grond staat, traditie respecterend zonder te vervallen in gimmicks; meegaand met de tijd zonder aan eigenheid in te boeten.

Wat Kamaedzitca uiteindelijk onderscheidt van de talloze circusmuziekartiesten die de avant-gardistische/experimentele metalscene tot de misselijkheid aan toe bevolken, is dat de band allerminst willekeurig te werk gaat met het uitputten van diens kleurrijke inspiratiebronnen en het aanwenden van het diverse muzikale talent waarover diens leden beschikken. Integendeel, het kan alle keuzes die het maakt op Voiceless are your words moeiteloos verantwoorden vanuit een duidelijke esthetische benadering. Noch het contrast tussen urbane melancholie, grijze beeldspraak en kleurrijke muziek; noch de aanwezigheid van zowel moderne als klassieke muziekstijlen; noch de afwisseling van metal- en ambientnummers blijken bij nadere inspectie onverklaarbaar of ondoorgrondelijk. Dit maakt het dat de uiteenlopendheid van de sferen en stijlen op dit album nimmer de weg versperren voor een uniforme, continu hoogstaande luisterervaring. Zo kenmerkt zich ware originaliteit: het is het middel om het doel mee te bereiken, en ongeacht haar succes komt zij nooit in de verleiding de hoofdrol op te eisen en zo het equilibrium wreed te verstoren.

Voiceless is your words is een stem in de woestijn…”

Voiceless are your words van Kamaedzitca is een leermoment voor al die amateuristische stijlmengers die denken dat ze door gratuit wat muzieksoorten door elkaar te husselen zich het recht verwerven zichzelf tot scheppers van een nieuw genre te bombarderen; zij die zich van eenzelfde ijdelheid bedienen als al die steroïde-spuitende kleerkasten door pogingen tot originaliteit enkel in dienst te stellen van hun eigen hipsterheid. Het is een wijze les voor al die post-metal-figuren die teruggrijpen op oude (sub)genres en denken er wel te komen zonder hun inspiratiebronnen te overstijgen en werkelijk iets nieuws te creëren. Tegelijkertijd is Voiceless are your words van Kamaedzitca een stem in de woestijn. Want de vooruitstrevendheid van hun muzikale missie ten spijt; zij blijven voorlopig veroordeeld tot de periferie der obscuriteit, een boodschap verkondigend die door een enkele ziel – bijvoorbeeld ondergetekende – wordt gehoord, terwijl de gekte van de dag er met de aandacht vandoor gaat. Laat dit magistrale album, deze artistieke overwinning van jewelste dan op zijn minst die eerste sneeuw zijn op een verlaten weg [4]. Vanuit de verte horen wij het geraas van de chaotische hoofdweg, waar de ene auto op de andere knalt. Wellicht dat er na verloop van tijd toch een paar dappere zielen afwijken naar de rust van deze zijweg, zich afvragend waarom zij niet altijd via dit pad hun reizen hebben ondernomen.

“En deze eindeloze weg verdrijft de leegheid van de nacht…”

Degtyarov, lente 2014.

lucht

Voiceless of your words is hier te beluisteren en te downloaden (gratis of wat je ervoor overhebt).

Bezetting:
Radan Luty – zang, teksten
Artsem – muziek

Nummers:
1. И в вечности моей любви пламя не угаснет / The flame of my love won’t ever fade in eternity (3:59)
2. Безмолвные слова твои / Voiceless are your words (5:48)
3. Піраміда / Pyramid (2:47)
4. Ветра Шамбалы / The winds of Shambala (3:23)
5. Традиция Севера / The North tradition (7:10)
6. В Отблесках Руси Нового Солнца / In the glow of Rus of the new sun (5:10)
7. Straight Edge Sport (5:07)
8. Arrogant flunkies (4:02)
9. Европа-Русь / Europe-Rus (5:48)
10. Застылi думкi над берагам хуткай ракi / Above a fast river moveless are the thoughts (4:41)
11. Туле, Атлантыда, Лемурыя, Гіпербарэя… / Thule, Atlantis, Lemuria, Hyperborea… (1:43)
12. Акіян адзiноты / The ocean of loneliness (7:23)
13. Когда мои друзья со мной / When my friends are with me (3:28)
14. Простые слова / Just simple words (3:40)
15. Гэта проста слёзы нашай восені / It’s just the tears left by our autumn (3:05)
16. Сквозь пространство звёзд навстречу / Through the space of nearing stars (3:53)
17. Уставшее одиночество / The tired loneliness (4:19)

Totale speelduur: 75 minuten en 11 seconden

Notities:
[1] Zie ook dit artikel, dat helaas achter een betaalmuur zit. Het dient als voorbeeld van de genoemde perceptie.

Bij het in het artikel geïllustreerde imago vallen echter wel wat kanttekeningen te plaatsen, daar de auteur duidelijk een wat gelimiteerde kennis had. Zo negeert hij het feit dat Burzum, in zijn oren vreselijke muziek of niet, één van de meest invloedrijke bands van het blackmetalgenre is. Anno 2014 proberen politiek correcte hipsters zich nog steeds in allerlei bochten te wringen om de muziek los te koppelen van de artiest en zijn ideeën.

Daarnaast is het zo dat, hoewel de zweem van amateurisme zeker het gros van de zogenaamde Hatecore- en Rechtsrockmeuk uit respectievelijk de Verenigde Staten en Mofrika omringt, het marginale imago van rechtse/nationalistische muziek niet in alle gevallen meer opgaat. Het gros van de kwalitatief hoogstaande Oekraïense blackmetalscene staat in nauw verband met deze stromingen, of is zelfs uitdrager ervan (Nokturnal Mortum, Dub Buk, Drudkh (of ze het nou willen toegeven of niet)), alsmede andere toonaangevende bands in het genre als Peste Noire (op hun eigen, atypische wijze) en Akitsa. Daarnaast bewijzen groepen als Kolovrat, Russkiy Styag en Tormentia dat er wel degelijk bands in de extreme hoek zitten wiens muziek de propagandistische waarde overstijgt en op zichzelf staat. En dat juist op het moment dat de traditionele punk doder en irrelevanter is dan ooit en louter nog bestaat uit softe gitaargroepjes met veilige bedplassersmeningen die zelfs (of vooral) Marcel van Dam niet tegen het zere been zouden stoten.

[2] Om de leesbaarheid van het artikel ten goede te komen, zijn de in het artikel geplaatste citaten reeds (zeer vrij) naar het Engels vertaalde tekstfragmenten. Het oorspronkelijke fragment luidt:

“Тени отдаляются, превращаясь в расставание,
Свет города остался позади, и ты вновь одна
Рисуешь ночь, чувствуя дыхание на стекле,
Уезжаешь просто так и навсегда.

Проплывают силуэты памяти по обочине жизни;
Это ночь, это сон; всё происходит будто не с нами.”

[3] Dit correspondeert ook met het idee van de dualiteit van de wapens en de letteren, zoals reeds is besproken in onze recensie van het meest recente album van Peste Noire.

[4] Eveneens uit het nummer “Ustavshee odinochestvo”: “Maar in mijn hand heb ik de as van onbeantwoorde brieven / Als de eerste sneeuw op een verlaten weg”

Met dank aan:
X. – Vertalingen
R. – Weemoed
U – Geduld